Een scheiding kan veel impact hebben op kinderen, ook als ze dat niet laten zien. Daarom zetten we bij elk bemiddelingstraject standaard een kindtraject in voor kinderen van 4 tot 18 jaar. Zo krijgt ieder kind de mogelijkheid om gezien te worden en vrij te kunnen vertellen over wat hem of haar bezighoudt.
Een veilige plek voor het kind, midden in de scheiding
Het kind krijgt een eigen, onafhankelijke hulpverlener. Die staat naast het kind en heeft daarom geen contact met ouders, bemiddelaars of hulpverleners van het oudertraject, behalve bij formele evaluatiemomenten. Aan het begin maken we wel kort kennis met de ouders om uit te leggen hoe het kindtraject werkt en wat het kind daarin kan verwachten. Zo blijft de positie van het kind neutraal en veilig.
Hoe we werken met het kind
We spreken kinderen op een neutrale plek: vaak op school of anders op één van onze locaties. We sluiten steeds aan bij wat het kind nodig heeft: spel, praten, tekenen, of een eenvoudige uitleg die helpt om woorden te geven aan hoe het is en kan zijn als ouders niet meer samen zijn.
De duur van het kindtraject hangt af van wat het kind nodig heeft. We volgen de behoefte van het kind, niet het proces van de ouders. Wanneer het bemiddelingstraject van de ouders stopt, kan de hulpverlener van het kind nog drie maanden betrokken blijven, zodat het kindtraject zorgvuldig kan worden afgerond.
Samen terugkoppelen, op de manier die past
Als er met ouders, bemiddelaars of andere betrokkenen een evaluatie plaatsvindt, bereiden we dit altijd zorgvuldig met het kind voor:
- het kind bepaalt wat het wél of niet wil delen;
- wij helpen het kind om dat op een veilige manier te vertellen;
- waar nodig doen wij (samen met het kind of namens het kind) de terugkoppeling.
Zorgen over veiligheid of ontwikkeling worden altijd gedeeld.
Wat het kindtraject oplevert
In het kindtraject leren kinderen in een veilige setting:
- te reflecteren op wie ze zijn en wat ze voelen;
- ruimte te geven aan verwerking;
- dat hun stem ertoe doet en hoe ze die kunnen gebruiken;
- meer grip te ervaren op een situatie die ze niet zelf gekozen hebben;
- steviger op hun eigen grond te staan;
- zich vrijer te bewegen tussen beide ouders, passend binnen de juridische context.
Als er meer nodig is
Mocht tijdens het traject blijken dat het kind andere of intensievere hulp nodig heeft, dan geven we daar in overleg met de betrokken gedragswetenschapper een gericht advies voor.